Oh Shit
40.000+ mensen volgen Alexander's favoriete nieuwe tools, tips en inzichten
Er is een moment — iedereen die het heeft gehad herkent het — waarop je voor het eerst een AI-agent autonoom iets voor je ziet doen. Het Oh Shit-moment. Je kunt het niet meer ontzien.
En het verdeelt ons. In mensen die het hebben gehad, en de rest.
Aan de ene kant staan programmeurs — nog maar een paar jaar geleden een van de best betaalde beroepen ter wereld — die hun werk in een jaar tijd hebben zien kantelen van 20% AI en 80% zelf typen naar het omgekeerde, en dan verder, tot vrijwel alles door AI wordt gedaan en zij alleen nog aanwijzingen geven.
Naast hen staat een groeiende groep mensen, waaronder ik, die nooit kon programmeren maar sinds de afgelopen kerstvakantie via Claude Code opeens complete applicaties bouwt.
En dan is er de rest. Bijna iedereen in Nederland. Ze hebben geen idee wat er op ze afkomt. Ik denk niet dat ik overdrijf.
Ik merk het aan mijn eigen werk. Ik praat de hele dag met AI-bots. Sommige schrijven code, sommige schrijven berichten aan anderen, sommige zoeken dingen uit — het loopt allemaal in elkaar over. Mijn computer is geen verzameling losse apps meer waar ik doorheen klik. Het is een gesprek met iets dat dingen voor me doet.
De maker van Claude Code zegt dat vrijwel honderd procent van hun code door hun eigen AI wordt geschreven.
Ryan Dahl, de man die Node.js bedacht — het systeem waar een groot deel van het moderne internet op draait — zegt: het tijdperk waarin mensen code schrijven is voorbij.
Zelfs Linus Torvalds, de bedenker van Linux, het besturingssysteem onder vrijwel elke server, smartphone en supercomputer ter wereld, is aan het vibe-coden.
De mensen die de fundamenten van het internet hebben gemaakt, leggen hun gereedschap neer.
En de cijfers bevestigen wat zij al weten. Vier procent van alle publieke GitHub-commits — het grootste softwareplatform ter wereld — wordt nu door AI geschreven. De stijging is zo hard, dat als je dat lijntje doortrekt het twintig procent zal zijn voor het eind van het jaar. Het aantal nieuwe apps in de iOS App Store steeg het afgelopen halfjaar met zestig procent.
En dan denk je misschien: wat kan mij het schelen, ik heb niet de droom om programmeur te worden. Maar dat is precies het punt.
Een AI die goed kan programmeren blijkt automatisch de basis voor een AI die goed kan werken. Die een plan maakt en het uitvoert. Die tools pakt en ze inzet. Die weet wanneer ze diep moet graven en wanneer ze moet opleveren. Die op knoppen klikt, informatie verzamelt, en het omzet in e-mails, grafieken, presentaties.
Als kenniswerker die het Oh Shit-moment heeft gehad, weet je: dit gaat ook over mij.
Misschien is AI een financiële bubbel. Maar de technische capaciteiten zijn echt, en overdonderend goed. En nu alweer een orde van grootte beter dan 2 maanden geleden.
In Den Haag formeren ze op dit moment een kabinet zonder Minister van Digitale Zaken, laat staan een Minister van AI.
Ze hebben het Oh Shit-moment niet gehad.
Als er de afgelopen weken iemand was geweest die Jetten, Yesilgöz en Bontenbal verplicht dertig minuten achter een laptop had gezet om met AI een applicatie te bouwen, was misschien het kwartje gevallen. Dan hadden ze het gezien.
We hebben geen plan.
Oh Shit.



Alexander, je frame klopt en toch mist het iets wezenlijks.
Je verdeelt de wereld in twee groepen: mensen die het “Oh Shit”-moment hebben gehad, en de rest. Maar de echte kloof zit niet tussen weten en niet-weten. Die zit tussen weten en doen.
Ik ben content marketeer bij een IT-bedrijf. Ik gebruik macWhisper voor meeting-transcripties, laat AI mijn Miro-boards analyseren, bouw actielijsten vanuit samenvattingen, blok mijn agenda op basis van AI-prioritering. Wat mij normaal drie uur kost, kost me nu een uur. Collega’s verbazen zich over de output. Niemand kopieert het proces.
Na een Copilot-training zei iedereen: “Wat vet.” Daarna….krekels.
Een gen z persoon die je zou typeren als digital native neemt geen meetings op.
Mijn partner, scherp in Excel en data-analyse, neemt geen Claude for Excel. Een vriend, hoogopgeleid zegt: “Strategisch denkwerk blijft bij mij.”
Onderzoek van Irrational Labs bevestigt wat ik om me heen zie: 8% denkt dat AI hun eigen baan vervangt, maar 29% denkt dat het banen in andere sectoren raakt.
We zien het gevaar overal, behalve bij onszelf.
Maar het gaat dieper.
Recent onderzoek toont “AI Shaming”: wanneer AI-gebruik zichtbaar is voor beoordelaars, daalt het gebruik met 14%.
Mensen ruilen meetbaar betere prestaties in voor de perceptie van onafhankelijk denken.
Professionele identiteit is gebouwd op autonome expertise. AI ondermijnt dat verhaal.
Jouw oplossing, zet politici een halfuur achter een laptop, past in het “informatie als hefboom”-frame. Maar kennis is nooit het bottleneck geweest. Iedereen wist in 1998 dat internet belangrijk was. De meerderheid bewoog pas toen het onvermijdelijk werd.
Drie dingen werken beter dan bewustwording:
1. AI inbouwen als standaard in bestaande processen, niet als optionele verrijking
2. Leiders die zichtbaar AI gebruiken en daar nuchter over zijn — niet als evangelisten, maar als professionals die hun gereedschap tonen
3. De eerste stap absurd klein maken. Niet “bouw een AI-assistent,” maar “plak je aantekeningen in ChatGPT en vraag om drie actiepunten”
Het echte “Oh Shit”-moment is niet dat AI alles kan veranderen. Het is het besef dat zelfs mensen die dat weten, niet bewegen. En dat de reden daarvoor niet in hun hoofd zit, maar in de systemen om hen heen.
Ik heb in mijn werkzame leven heel wat ingewikkelde wetenschappelijke software geschreven ik schrijf nu helemaal niets meer en maak nu in één dag waar ik vroeger een maand over deed. Ontwerpen Schrijven, testen ik laat het doen, controleer en register. Maar dat kan ik doen omdat ik de kennis heb van software ontwerpen en implementeren. Hoe gaat dat straks met de mensen die dat nooit hebben ( kunnen) leren omdat ai alles doet? Daar schuilt een groot gevaar. En wie heeft daar overnagedacht hoe we dat oplossen?